De Armeense Genocide

De Armeense Genocide monument verwijst naar de massamoord en deportatie van etnische Armeniërs die plaatsvond tijdens de Eerste Wereldoorlog in het Ottomaanse Rijk, het huidige Turkije. De genocide vond plaats tussen 1915 en 1923 en resulteerde in de systematische uitroeiing van naar schatting 1,5 miljoen Armeniërs.

De Armeniërs, die eeuwenlang in het Ottomaanse Rijk hadden geleefd, werden onder het bewind van de Jonge Turken (de Ottomaanse regering) het doelwit van een gecoördineerde campagne van geweld en deportatie. De Armeniërs werden gearresteerd, gedeporteerd en massaal geëxecuteerd. Ze werden blootgesteld aan wreedheden zoals massaslachtingen, marteling, gedwongen marsen, verkrachting en vernietigingskampen. Het was een systematische en geplande poging om de Armeense bevolking uit te roeien.  De redenen achter de Armeense Genocide zijn complex en hebben te maken met verschillende politieke, sociale en historische factoren. Hoewel het Ottomaanse Rijk officieel beweerde dat de deportaties en gewelddadige acties tegen Armeniërs plaatsvonden vanwege vermeende veiligheidsproblemen tijdens de Eerste Wereldoorlog, zijn er ook andere factoren die hebben bijgedragen aan de genocide.

Reden van Genocide: Een belangrijke factor was etnische spanningen en discriminatie tegen Armeniërs in het Ottomaanse Rijk. De Armeniërs vormden een christelijke minderheid in een overwegend islamitische samenleving. Dit verschil in religie en cultuur leidde vaak tot wederzijdse wantrouwen en spanningen tussen de gemeenschappen.

Daarnaast speelden geopolitieke en strategische overwegingen een rol. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was het Ottomaanse Rijk betrokken bij een conflict met verschillende geallieerde machten, waaronder Rusland. De Ottomaanse leiders beschouwden de Armeense bevolking als een mogelijke vijfde colonne die in samenwerking met de Russen tegen het rijk zou kunnen opereren. Deze perceptie van Armeense onbetrouwbaarheid en het vermeende risico op collaboratie met de vijand heeft bijgedragen aan de genocide

Daarnaast speelden nationalistische ideologieën en het streven naar homogeniteit ook een rol. De Jonge Turken, de regerende politieke groepering in het Ottomaanse Rijk, propageerde een vorm van Turkse etnische en culturele eenheid. Armeniërs, als een etnische en religieuze minderheid, werden gezien als een bedreiging voor deze eenheid en werden daarom als zondebokken aangewezen.

Het idee van “Turkificatie” en het uitroeien van etnische minderheden, waaronder de Armeniërs, werd geïnstitutionaliseerd in het beleid van de Jonge Turken. Het resulteerde in een systematische campagne van deportaties, massamoorden en geweld tegen de Armeniërs.

Desondanks blijft de erkenning van de Armeense Genocide een gevoelige kwestie, vooral in Turkije, dat de term “genocide” afwijst en in plaats daarvan verwijst naar de gebeurtenissen als een “burgeroorlog” met wederzijdse slachtoffers. Turkije heeft historisch gezien pogingen ondernomen om de gebeurtenissen te ontkennen en te minimaliseren, wat heeft geleid tot spanningen tussen Turkije en Armenië, evenals de Armeense diaspora.

De Armeense Genocide wordt internationaal erkend als een van de grootste tragedies in de moderne geschiedenis. Verschillende landen, waaronder Frankrijk, Duitsland, Rusland, Argentinië en veel anderen.

De nasleep van de Armeense Genocide heeft diepe littekens achtergelaten in de Armeense gemeenschap. Velen werden gedwongen hun geboorteland te ontvluchten en vonden hun toevlucht in verschillende delen van de wereld.  Veel Armeniërs vonden een nieuwe thuisbasis in landen als Rusland, de Verenigde Staten, Frankrijk, Libanon, Syrië, Iran, Griekenland en andere delen van Europa, het Midden-Oosten en Noord-Amerika.

Rusland speelde een belangrijke rol bij het opvangen van gevluchte Armeniërs. Destijds maakte het oosten van Armenië deel uit van het Russische Rijk, en na de val van het Ottomaanse Rijk werden grote aantallen Armeniërs in dit gebied gevestigd. Velen werden ook naar andere delen van Rusland gebracht, Moskou en Sint-Petersburg​ gebracht​.

De Verenigde Staten werden een belangrijke bestemming voor veel Armeense vluchtelingen. ​In ​Los Angeles, Glendale en Fresno hebben aanzienlijke Armeense gemeenschappen. Ook landen in Europa, zoals Frankrijk, Duitsland, Griekenland en het Verenigd Koninkrijk, ontvingen grote aantallen gevluchte Armeniërs. In het Midden-Oosten zochten veel Armeniërs toevlucht in landen als Iran, Libanon en Syrië.

Dat de vervolgingen nog altijd voortduren werd ons nogmaals zwart op wit bewezen
door de voorvallen in Azerbeidjan. Meer dan 100 000 mensen moesten plots al hun hebben en houden meenemen en hun huizen ontvluchten omdat de Azeri’s opnieuw bezit namen van de Armeense enclave. De internationale gemeenschap stond erbij en keek ernaar.